Tips

Dit kleine gaatje is genoeg voor een muis in je huis

· 5 min leestijd

De temperatuur duikelt, de dagen worden korter en af en toe hoor je iets schuiven achter de keukenkastjes. Niet gek: dit is precies het moment waarop muizen massaal naar binnen trekken. Buiten wordt het voedsel schaars en bijt de kou, binnen is het warm en liggen de kruimels voor het oprapen. Een huis dat in de zomer volkomen onaantrekkelijk was, wordt in oktober plotseling de ideale winterverblijfplaats voor een knaagdier.

Het goede nieuws: je hebt geen vallen nodig als je het ze eerst onmogelijk maakt om binnen te komen. Met een paar gerichte checks houd je je huis dit najaar muisvrij, zonder dat je meteen een plaagbestrijder moet inschakelen.

Waarom muizen nu precies jouw huis uitkiezen

Zodra de nachttemperatuur onder de 10 graden zakt, verschuift het zoekgedrag van muizen. Ze hebben dan drie dingen nodig: warmte, voedsel en een beschutte plek om te nestelen. Een woning levert alle drie, en dat merk je vooral in de randen van je huis: de kruipruimte, de spouwmuur en de overgang tussen schuur en tuin. Uit onderzoek blijkt dat zo'n één op de vier Nederlandse huishoudens elk jaar met muizen in huis te maken krijgt, en dat aantal piekt niet toevallig in de herfstmaanden. Dit is ook de periode waarin je toch al langs het dak en de regenpijpen gaat voor het jaarlijkse schoonmaken van je dakgoten. Combineer die klus met een kort inspectierondje langs de gevel, zo sla je twee vliegen in één klap.

Dit gaatje is al genoeg om binnen te komen

Een huismuis past door een opening van zo'n vijf millimeter, ongeveer de dikte van een potlood. Het skelet van het diertje is flexibel genoeg om zich door kieren te persen die jij met het blote oog nauwelijks opmerkt. In Nederlandse huizen komen ze meestal binnen via de spouwmuur, open stootvoegen in het metselwerk, of de kruipruimte. Loop daarom één keer goed om je huis heen en let op:

  • Ventilatieopeningen zonder rooster of met een beschadigd rooster
  • Kabeldoorvoeren van cv, internet of buitenstopcontacten
  • Open voegen rond de kozijnen en de plint
  • Scheuren in de fundering of rond de kruipruimteluik

Dicht kleine gaten met staalwol of een speciale anti-muizenkit. Steenwol of gewoon schuim houdt een muis niet tegen, die knaagt daar in een paar minuten doorheen.

Zo houd je zolder, schuur en kelder muisvrij

De meeste muizenoverlast begint niet in de woonkamer, maar in de ruimtes waar je zelden komt. In de kruipruimte nestelen ze het liefst tegen leidingen aan, vooral als die nog niet winterklaar zijn. Heb je dat najaarsklusje nog niet gedaan, lees dan ook hoe je een gesprongen buitenkraan voorkomt, want een geïsoleerde leiding houdt tegelijk kou en ongedierte op afstand. In de schuur help je al veel door opgeslagen zaaigoed, vogelvoer en potgrond in afgesloten bakken te zetten in plaats van in de originele zak. Op zolder is het vooral een kwestie van opruimen: dozen met oude kleding en isolatiemateriaal zijn favoriete nestplekken omdat ze zacht, warm en ongestoord zijn.

Ook de tuin speelt een rol die je makkelijk onderschat. Een border vol verwelkte planten en een hoop gevallen blad vormen een prima opstapje richting je gevel. Snoei overhangende takken terug tot op zo'n dertig centimeter van het dak, ruim afgevallen fruit onder de boom op en laat 's avonds geen vogelvoer los op de grond liggen. Zet het in een voederhuisje in plaats van er zomaar een handje te strooien, dan trek je wel vogels aan en geen knaagdieren.

Voedsel opruimen scheelt het meeste

Een huis zonder toegankelijk voedsel is voor een muis simpelweg minder interessant, hoe warm het ook is. Bewaar droge voeding zoals bloem, rijst en hondenbrokken in glas, metaal of stevig plastic in plaats van in de papieren of plastic verpakking waarin je het kocht. Veeg aanrecht en vloer in de keuken dagelijks schoon en laat geen afval overnacht buiten staan zonder deksel erop. Ook kattenbakken en vogelvoerbakjes in de tuin trekken muizen aan, dus zet die 's nachts binnen of dek ze af.

Deze lokmiddelen werken niet, en deze wel

Over ultrasone muizenverjagers bestaat veel discussie en hard bewijs dat ze werken ontbreekt. Pepermuntolie en andere sterke geuren worden vaak genoemd, maar alleen in een flinke concentratie heeft dat enig effect, en als bestrijdingsmiddel zijn deze oliën niet toegelaten in Nederland. Wat wel aantoonbaar helpt, is de combinatie die ook bij Kassa terugkomt: gaten dichten, opslagruimtes opgeruimd houden en pas daarna, als preventie niet genoeg is, een klassieke muizenval of een gecertificeerde bestrijder inschakelen. Lijmplaten worden afgeraden door dierenwelzijnsorganisaties, een klapval is diervriendelijker en net zo effectief.

Dit controleer je dit weekend nog even

Je hoeft niet je hele huis in één middag muisdicht te maken. Begin bij de buitenkant: loop de gevel langs, dicht de duidelijkste gaten met staalwol en zet een rooster voor open ventilatieopeningen. Pak daarna de opslagruimtes aan, want een opgeruimde schuur en zolder nemen de meeste schuilplekken weg. Wie toch met tochtige kozijnen zit, kan die klus meteen combineren met de isolatietechnieken die je sowieso al op je lijstje had staan, want een dicht kozijn houdt niet alleen kou buiten. Zie je ondanks alles toch een muis, dan is dat geen reden tot paniek: het betekent alleen dat je de controle nog een keer moet overdoen, grondiger dan de vorige keer.

M
Geschreven door Maarten de Groot Klussen redacteur

Maarten is timmerman die klussen uitlegt voor beginners en gevorderden met de geduld van iemand die al honderden keren heeft uitgelegd welke kant van de schroef naar voren moet. Zijn artikelen zijn stap-voor-stap handleidingen die je het vertrouwen geven om zelf aan de slag te gaan, of om eerlijk te besluiten dat je toch maar een vakman belt — en ook dat is prima. Hij begon met klussen toen hij zijn eerste huurhuis betrok en ontdekte dat de vorige bewoner creatief was geweest met de elektriciteit. Sindsdien heeft hij alles geleerd, van betegelen tot dakkapellen, meestal door het eerst verkeerd te doen. Maarten vindt dat iedereen een boormachine moet kunnen vasthouden, maar dat je nooit te stoer moet zijn om de handleiding te lezen.